Ans Persoons

Er zijn zoveel lichtpuntjes in de stad

Januari is de maand van de nieuwjaarsrecepties. Jullie hebben er ongetwijfeld al verschillende achter de rug. We wisselen kussen en wensen uit en woorden van hoop, vol verwachting voor wat het jaar brengen zal.

Ik nam me dit jaar voor me minder te laten opslorpen door de algoritmes van Instagram, maar van dat goede voornemen kwam weinig in huis: ik zit tot laat in de nacht te scrollen langs filmpjes waarin gemaskerde ICE-troepen de bevolking terroriseren, mensen wegplukken van hun gezin of werk of een vrouw doelbewust en ongestraft neerschieten.

Schol, santé, we lachen en klinken op het nieuwe jaar. Dit jaar wringt het.

Gebruikt de Trump-administratie echt ongegeneerd nazi-slogans? Gaan ze alsnog Groenland binnenvallen en de NAVO doen wankelen? ’s Avonds kan mijn dochter niet slapen omdat ze vreest voor oorlog. Ik probeer te sussen door zeggen dat de mensheid geleerd heeft uit Wereldoorlog II, dat we nu samenwerken want dat nooit meer. Nie wieder Krieg. Ik hoor mijn eigen woorden wankelen. 

Deze maand stonden er een twintigtal nieuwjaarsrecepties in mijn agenda, vaak moet ik dan ook speechen, maar dit jaar viel het me zwaar om een opbeurende boodschap te vinden

Gaza, Iran, Soedan. Ik begrijp heel goed dat mensen zich afschermen van het nieuws, wegduiken in hun zetel, want het is te veel, te wreed, het raakt ons tot op ons bot. 

Het raakt ons tot op het bot. Vroeger vond ik dat een vreemde, harde uitdrukking. Maar wie ooit diep verdriet meemaakte, weet hoe rouw, verlies, angst zich diep in je lichaam en spieren kunnen nestelen. Steeds meer mensen voelen het.

En terwijl de wereld in brand staat, vechten wij hier in Brussel het zoveelste rondje regeringsvormen uit. 

Nu NIET je verantwoordelijkheid nemen …, beste vrienden, dat is schuldig verzuim.

Want net nu -zeker nu-  zouden we hoop, stabiliteit, oplossingen en zekerheid moeten kunnen bieden.

We are in the midst of a transition, not a rupture.  De Canadese premier Mark Carney gaf in Davos een briljante speech die de geschiedenisboeken zal halen.

Hoe gaan wij hier in Brussel herinnerd worden? 

Socialisten nemen verantwoordelijkheid, zeker in moeilijke tijden. Dat zit in ons DNA.  We werken keihard, durven moeilijke beslissingen nemen, omdat aan de zijlijn wat staan roepen voor ons gewoon geen optie is.

Kijk naar de Arizona regering. Daar deel van uit maken is allesbehalve evident, maar we vechten zwaar boven ons gewicht en bieden zekerheid in onstabiele tijden. 

Ik was maandag echt beschaamd en boos dat Open VLD- Anders- niet eens aan tafel kwam.

Bijna 600 dagen zijn we al aan het onderhandelen en … ze sturen hun kat.

En verdorie, “We are in the midst of a rupture, not a transition.”

Er slapen mensen op straat, in onze wijken heersen te veel drugs en geweld, we moeten dringend meer mensen aan werk helpen, onze jongeren hebben leerkrachten nodig, en steeds meer verenigingen raken gedemotiveerd door het gebrek aan perspectief, de onzekerheid put uit.

En dan liggen er – na al die maanden – eindelijk heel concrete, vergaande plannen op tafel om Brussel niet alleen financieel gezond te maken, maar ook beter en efficiënter te besturen. 

Dan niet komen opdagen aan tafel dat is… laf.

De internationale wereldorde wankelt.
Maar ook Brussel wankelt. 

We spelen met de toekomst van dit Gewest, terwijl we ons echt geen chaos kunnen permitteren.

If you are not at the table, you are on the menu. Een ander treffend citaat van Mark Carney. 

Als we aan tafel geen akkoord kunnen onderhandelen, dan laten we onze geliefde stad hard en diep vallen. En ik weet dat het geen zin heeft om te vingerwijzen naar deze of een andere partij, we zijn met velen om een rol te hebben gespeeld in deze impasse. 

Maar echt, we hebben niet zoals Frederic De Gucht suggereerde, méér ego nodig, we hebben minder ego nodig. Want wie als politicus nu nog vooral met zichzelf bezig is, laat de Brusselaars heel zwaar in de steek. 

Valt er dan helemaal niets meer te vieren? 

Jawel zeker, we mogen de bully’s, de pestkoppen, niet laten winnen!

Op mijn nieuwjaarskaartje staat: “Jullie doen de stad oplichten”. En dat is ook zo. 

Brussel dat is een en al veerkracht, dat is een stad waar mensen uit het niets een heel leven opbouwen, elke dag opnieuw, opstaan en weer verder gaan. 

Brussel dat is solidariteit, vriendschap, gemeenschap. Als ik zie hoe in Minnesota mensen zich weren en organiseren tegen ICE, dan weet ik : dat zou hier ook zijn. 

Ik ben nog vaak oprecht ontroerd door de mensen in deze stad. En dan heb ik het niet alleen over de vele sociale en culturele organisaties die deze stad werkelijk recht houden, van voedsel uitdelen tot een park redden, maar door kleine gestes: twee stokoude vrouwen van Afrikaanse origine, prachtig opgekleed, tot hoeden toe, die op kerstavond voorzichtig gracieus uit de taxi stappen, elkaar ondersteunend. Mensen die collectief recht veren en hun plaats aanbieden op de overvolle metro voor de vrouw met de appelflauwte.  De jongeren die op 1 januari de straten van Molenbeek gingen opkuisen en daarbij de Vlaamse pers zo zeer verbaasden dat deze gingen schrijven dat de nieuwjaarsnacht in Brussel beter verliep dan in Antwerpen. 

Lichtpuntjes. Waar je ook kijkt, in de ziel van deze stad zijn zoveel lichtpuntjes. 

Ik wil iedereen die zich blijft inzetten voor deze stad en haar mensen, iedereen die er in blijft geloven, die elke dag op ‘gemeenschap/community’ maakt, van harte bedanken. 

Merci. Jullie houden de stad recht. 

En dus JA ik blijf erin geloven en ik blijf er elke dag voor strijden: er komt binnenkort een daadkrachtige Brusselse regering. Het MOET gewoon.

Gelukkig Nieuwjaar. 

Ans